24-05-17

'Wil' van Jeroen Olyslaegers - recensie door Matthias Roggen


In Wil, het alom geprezen vijfde boek van Jeroen Olyslaegers, leren we het hoofdpersonage Wilfried Wils kennen. Een oude man wiens kinderen en kleinkinderen zich van hem hebben afgekeerd. Zijn vrouw is gestorven en van zijn dichterscarrière schiet enkel nog een lemma in een literaire encyclopedie over. En dus gaat hij maar aan zijn kleinzoon schrijven over de oorlog, toen hij als politieagent moest meewerken aan de razzia’s en arrestaties van joden in Antwerpen.

Om die joden geeft trouwens niemand nog. ‘Om een jood geeft niemand nog een kloot’, wordt ergens in het boek gegrapt. De bevolking grijpt niet in als er joden worden opgepakt. Niemand had toch al veel op met ‘dat volk’. De enige in het boek die het daar moeilijk mee heeft is Lode, een collega en vriend van Wilfried. Tegelijkertijd heeft Wilfried ook contacten met collaborateurs die er alles aan doen om joden op te sporen. 
Jeroen Olyslaegers belicht op deze manier heel mooi de twee kanten van een geschiedenis die we al goed kennen en waar al menig boek over is verschenen. Hij doet het echter zo dat het allemaal heel nieuw aanvoelt. Het verhaal had evengoed over vandaag de dag kunnen gaan. Daardoor wordt het meer dan enkel maar een historische roman. Het biedt ook een blik op ons heden en werpt ons vragen in het gezicht zoals: zijn we wel goed bezig? Pakken we de zaken wel goed aan? Hebben we eigenlijk wel iets geleerd uit het verleden als we kijken naar hoeveel discriminatie er vandaag nog is in onze samenleving? Maar dit gebeurt zeer subtiel. Olyslaegers wijst nergens met een gebiedend vingertje. Hij is de verteller. Het enige wat hij doet is dan ook vertellen.

Wils geraakt geleidelijk aan in beide kampen verzeild. Een mooi citaat dat dit illustreert: ‘Ik zat er middenin. Ik overweeg eens het een, dan weer het ander. Wat de een tegen me zei liet ik botsen met wat een ander me had toevertrouwd.’
Wat ik dan ook zo mooi vind aan het boek is dat Olyslaegers zijn personage niet enerzijds als een opportunistische klootzak wil portretteren of anderzijds als de goedheid zelf. Wilfried Wils komt als een echt mens over op het papier. Hij is niet goed of slecht. Hij maakt soms verkeerde keuzes. Hij kan gewelddadig uit de hoek komen, maar tegelijkertijd voelt hij een diepe verliefdheid voor Yvette, de zus van Lode en Wils' latere echtgenote.
Ik vind het zelf als lezer dan ook moeilijk om een oordeel te vellen over Wils. Enerzijds is hij een slachtoffer, een mens van zijn tijd die zich laat meeslepen. Aan de andere kant is hij ook een dader die verkeerde dingen doet.

Het boek dat afwisselt tussen heden en verleden is goed gestructureerd. Ik krijg nergens het gevoel dat het te lang aansleept of dat er net ergens te vlug wordt over gegaan. Alles is mooi uitgebalanceerd. Het verhaal bezit zowel liefdesscènes als gewelddadige scènes. Toch wordt het nergens te veel, te goor of te sentimenteel. Olyslaegers verliest zijn beheersing niet en houdt alles mooi binnen het kader waarin hij besloten heeft te werken.
Het taalgebruik doet soms denken aan Louis Paul Boon. Doordat Jeroen vaak gebruik maakt van de ‘gij’- vorm. Wat goed is. De personages voelen hierdoor nog dichter en echter aan. Hun taal is spreektaal.

Voor mij is dit een van de betere romans die ik dit jaar heb gelezen.  

23-05-17

Jana Van Der Fraenen recenseert 'Haar naam was Sarah' van Tatiana de Rosnay


Tatiana de Rosnay werd geboren in 1961 in Parijs. Ze heeft een Britse moeder en een Franse vader. Tatiana woont met haar echtgenoot en twee kinderen in Parijs. Sinds 1992 heeft Tatiana de Rosnay elf romans gepubliceerd. Haar naam was Sarah is de eerste roman die Tatiana in Engels schreef. Andere verhalen van haar zijn bv. Die laatste zomer, Kwetsbaar, Het huis waar jij van hield en Het appartement.
Tatiana de Rosnay wou met Haar naam was Sarah geen historisch werk schrijven, maar een eerbetoon aan de kinderen van Vel d’Hiv. Niet alleen voor de kinderen die niet zijn teruggekomen, maar ook voor degenen die het kunnen navertellen.
Haar naam was Sarah is in veertig landen verschenen en er zijn wereldwijd ruim negen miljoen exemplaren verkocht. Ook de verfilming was een groot succes. In 2013 ging in Nederland de eerste toneelversie ter wereld van Haar naam was Sarah in première.

Ze probeerde haar moeders handen te pakken, maar de mannen duwden haar weg zodat ze op haar knieën viel. Haar moeder vocht als een bezetene en was de agenten heel even de baas, en juist op dat moment zag het meisje weer een glimp van haar echte moeder, de sterke, vurige vrouw die ze miste en bewonderde. Ze voelde haar moeders armen nog één keer om zich heen, ze voelde het dikke haar dat haar gezicht streelde. Ineens werd ze verblind door een plens koud water. Proestend en snakkend naar adem deed ze haar ogen open en zag dat de mannen haar moeder wegsleepten aan de kraag van haar doorweekte jurk.

De Amerikaanse journaliste Julia Jarmond moet voor de herdenking van 60 jaar Vel d’Hiv, waar de grote razzia in 1942 plaatsvond, een artikel schrijven. Hierdoor stuit ze op Sarah Starzinski, een 10-jarig joods meisje en tevens een slachtoffer van de Holocaust. Julia ontdekt stukje bij stukje Sarahs aangrijpende verhaal en is vastbesloten om te onderzoeken of het meisje de oorlog overleefde en zo ja, wat er daarna met haar is gebeurd.
Één van de beste dingen aan het boek, is hoe levensecht de schrijfster de gruwelijkheden van de Tweede Wereldoorlog en de reacties van de mensen erop beschrijft. Tatiana de Rosnay liet me zo met de gevoelens van Sarah en Julia meeleven, dat ik het boek niet meer kon loslaten. Ik moest gewoon verder lezen.
Ik kon zo hard de angsten, het verdriet en de pijn voelen die de personages meemaken. Vooral het verhaal van het joodse meisje Sarah is zo aangrijpend dat ik niet anders kon dan er bij stilstaan. Er hoefden geen spannende actiescènes ingelast te worden om dit verhaal spannend te vinden. Het verhaal van Sarah en Julia, dat in elk hoofdstuk afwisselend verteld wordt, is goed opgebouwd naar het moment dat beide verhalen in elkaar vloeien. Het is een sterke mengeling van fictie en geschiedenis. De personages en het verhaal op zich zijn heel geloofwaardig en boeiend. Tot het einde bleef ik op het puntje van mijn stoel zitten, omdat ik wou weten hoe het zowel met Sarah als met Julia ging aflopen. Ook te weten dat een groot deel van het verhaal waargebeurd is, raakt me heel diep. Het meisje Sarah is niet enkel een personage voor mij, ze staat voor alle joden die deze gruwel hebben moeten meemaken.

Haar naam was Sarah is een prachtig, aangrijpend verhaal dat je bij de keel grijpt. Dit boek wil je in één ruk uitlezen. 

Uitgeverij Artemis & co
Jaar uitgave: 2007
ISBN 978 90 472 0079 6
331 pg’s.

Verfilmd als ‘Sarah’s key/ Haar naam was Sarah/Elle s'appelait Sarah .


18-05-17

"Kom hier dat ik u kus" van Griet Op de Beeck en "Roosevelt" van Gie Bogaert gerecenseerd door Leslie Hubrechts


Gie Bogaert – Roosevelt

“Liegen. Wat een ontdekking.” Verhalen verzinnen en vertellen kan Gie Bogaert als geen ander, maar door het te vaak afwisselen van te veel personages slaat hij de bal mis.
Gie Bogaert zelf is charismatisch en als schrijver methodisch in zijn verhalen maken. De tien personages die worden gevolgd komen uit alle lagen van de bevolking, maar het zijn er redelijk veel. Het is moeilijk de draad terug op te pikken. Er zit te veel tijd of te veel tekst tussen de verhalen in. En dat zijn het ook, verhalen. Het zijn geen mensen, maar typetjes.
De personages symboliseren een vorm van wanhoop. Wie op wanhoop afstevent, kent vaak een fatale afloop. Jammer genoeg voelde het lezen van dit boek voor mij aan alsof er nooit een eind aan ging komen. Pas tegen het einde aan wist Bogaert mij te intrigeren en te beroeren. Om het dan enkel opnieuw te laten ontkrachten door de fataliteit van het verhaal terug in het ongewisse te laten.

Met Roosevelt weet Bogaert enkel een publiek te bekoren door erover te vertellen. Die man mag over alles vertellen en we hangen aan zijn lippen. Jammer genoeg is het volledige boek langdradig en heeft hij op het einde enkele kansen laten liggen.


Griet Op de Beeck – Kom hier dat ik u kus

Write what you know; een motto dat Griet Op de Beeck ter harte neemt. Uit het leven gegrepen, soms fragmentarisch en associatief. Hoe mensen echt denken en wat ze echt denken.
Kom hier dat ik u kus is haar tweede boek. Na Vele hemels boven de zevende slaat ze hier opnieuw de spijker op de kop.
Ze hanteert realistische monologue intérieur. De karakters uit haar boek zijn geen personages, maar échte mensen. De gedachtengangen en hoe die verschillen van wat er wel en niet gezegd wordt tussen mensen leunen enorm dicht aan bij de werkelijkheid.
Ze schrijft over zaken die proefondervindelijk zijn geweest in haar eigen leven als 10-jarig meisje, als dramaturg en als 35-jarige dochter van een doodzieke man.
Soms is er kop noch staart aan te krijgen. Ze bespeelt meerdere thema's. Haar boeken gaan over het leven in zijn rauwste vorm en toch weet ze poëtisch te verwoorden dat “boosheid binnenstebuiten gedraaid verdriet [is]”.
Kom hier dat ik u kus leest als een trein, de woorden grijpen je naar de keel en laten je sprakeloos achter. Het gaat over alles, ergens en nergens, over niemand en over iedereen. Herkenbaarheid en geloofwaardigheid zijn troef.
Als lezer kan je alleen maar denken: dit boek gaat over mij!

Schrijven Online Nieuws

Schrijven Online blogs

Schrijven Online wedstrijden

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...