28-12-12

Gebroken Droom - Chantal De Craecker



Tekst: Chantal De Craecker  

Stem: Marleen Baeyens

Soundscape:


(Keplar: Tangible Darkness)










Zachtjes word ik opgetild, omhuld door een koele stroom drijf ik naar boven.
Verrast kijk ik naar beneden. Naar mezelf.
Ik aarzel, even. De bries trekt me mee. Bevrijd van aardse zwaarte zweef ik, plots vrolijk en onbezorgd, door de klare ruimte.

Een rek vol kleurige kleren vangt mijn aandacht. Gretig vlieg ik er met uitgestrekte armen naar toe.
Winkelen, yes!

Ik vergeet de vreemde omgeving en betast de zachte stof van de T-shirts. Deze zou leuk zijn voor Alexander. En dit jasje past perfect bij Hannelores groene jurk. Graaiend tussen de kleren voel ik iets scheuren, binnen in mij, onder mijn zwevende ribben.

Ik val stil, en voel verdriet en onmacht. Besef sijpelt door de scheur. Zij zijn dààr. En ik hier.
Vertwijfeld kijk ik rond. Het licht lijkt minder aantrekkelijk. De ruimte strekt zich eindeloos en eenzaam leeg uit.
Onzeker fladder ik doelloos rond.

Tot een fijn rukje me naar beneden trekt. Ik worstel halfslachtig tegen. Even maar. Bij het volgende schokje laat ik me glijden.
Ik tuimel naar beneden, en voel hoe de zwaartekracht mijn leegte opvult.

Ik ben nog niet klaar, hier.

23-12-12

Ons Kind - Marc Troch




Tekst: Marc Troch - Stem: Guy De Cock
Muziek: Fernand Bernauw (Nando - track Daughters of Phorcys, van de CD The Piano and the Sea) - www.relaxatiemuziek.be/index.html



De zee vertelt het allereerste verhaal. Het gekeuvel van een windstille avond en het geruis van de branding.                                                                           

De volle maan weerspiegelt in de golfslag.                                                 

Je vertrouwde gelaatstrekken absorberen het maanlicht en ik herken het licht in je ogen.

Alsof ze deel uitmaken van dat onvatbare, niet te achterhalen geheim, dat daar zo tastbaar ligt te schitteren, maar waarvan ik tevens weet, dat ik het toch nooit zal doorgronden. 
Daardoor schrijnt ook de weemoed en breekt het geluk, dat we zomaar ervaren op dat eiland.                                                                                                                                                   

Je zou bijna het mysterie zelf kunnen zijn, maar toch rest ons alleen het besef van een onoverbrugbare afstand.

We zouden moeten zwijgen nu en eindeloos voortstappen met onze voeten in het lauwe, kabbelende zeewater.                                                                   

Terugkeren naar onze hut, waar we beschutting vinden tegen het opdringerige verleden. 

Nooit vergeet ik die blik in je ogen, toen ik buiten adem het ziekenhuis binnenstormde. Het telefoontje had me ontredderd.                                          
'Kom vlug. We hebben je vrouw moeten opnemen.'                                           

Ik besefte meteen dat het nog veel te vroeg was.                                            

Je lag daar zo weerloos in dat witte bed. Je opengesperde ogen ontnamen me elke hoop en ik knielde ontdaan naast je neer.                                                           

Troosten kon ik je niet.                                                                 

Alleen jij zou je verdriet ooit kunnen overwinnen.                                          

Ons eerste kind. 

Je glimlacht opeens. De sterren glinsteren boven je hoofd en ik omhels je, nog half dronken na onze avond in het restaurant. We moeten nog een heel eindje wandelen naar onze hut en de branding palmt ons steeds verder in.                                                               

Nachtelijk geneurie en ik leun tegen je aan.                                             

Je verkrampt. Je vingers knijpen harder in mijn armen.                                                  

Ik kijk je aan en je ogen herleven onder het maanlicht en even vrees ik je woorden. Ik staar je verschrikt aan, omdat ik je niet zo ernstig verwacht na zo’n speelse avond.

Maar je blijft glimlachen, vermoeid een beetje, of is het nog iets anders dat rond je mondhoeken zweeft. Iets ongekends voor mij, denk ik. Terwijl je begint te praten, eerst over van alles en nog wat, alsof we nog even nagenieten. Maar ik verwacht meer dan dat, want die vreemde glimlach en die onduidbare glinstering in je ogen wijken niet. En je knijpt nog steeds in mijn arm.     

Luister je naar de zee misschien? Of luister je naar een stem binnenin je, onbereikbaar voor mij.

En dan zeg je heel kalm dat je al twee maanden over tijd bent.
 
 

22-12-12

Oorlogsbloempje - Els Vermeir

In Flanders' Fields: een klaproos vertelt...



Tekst: Els Vermeir - Stem: Katrien Mergan - Acteursregie: Karin Straetmans - Geluidsregie: Patrick Bernauw - Opname: Jan Oelbrandt
Een productie van de Academie voor Podiumkunsten, Aalst - afdelingen Literaire Creatie, Voordracht & Toneel & vzw de Scriptomanen.

In het audio drama wordt gebruik gemaakt van een anti-oorlogslied van Pete Seeger, "Where Have All The Flowers Gone?". Marlene Dietrich maakte een Duitse versie onder de titel "Sag mir wo die Blumen sind", en u hoort ook een fragmentje van de Franse versie van Dalida, Joan Baez, en Pete Seeger zelf.
Zie ook: http://audiotheater.bandcamp.com
www.scriptomanen.org



Schoon hè?

Dat doet me denken aan de tijd dat ik ook nog zo schoon was. Zonder één rimpeltje en maagdelijk wit. Een echt bloemeke…

Letterlijk, hè.

Met een fiere rechte stengel en fijne, groene blaadjes.

Ik was trouwens niet alleen. Zo ver als ge kon kijken, was heel ’t veld bezaaid met broers en zussen van mij. ’t Was precies of er een laag sneeuw op ’t veld lag, midden in de zomer!

En we stonden daar, zachtekes te wiegen in de wind.

Zó rustig. Dat kunt ge u niet voorstellen.

Maar ik voelde het toen al. Diep in mijn wortels. Er naderde iets, en ’t voorspelde niks goed.

Nog voor we goed beseften wat er gebeurde, was meer dan de helft van ons al platgetrapt.

Wat een paniek!

Overal hoorde ge stengelkes knappen, en de bloemekes die hun blaadjes verloren, schreeuwden het uit van de pijn.

Maar ’t ergste moest nog komen!

Opeens kwam er van alle kanten een oorverdovend lawaai. Dat floot, dat gierde, dat bonkte in onze oren. En van’t een moment op ’t ander spoot alles rondom ons uiteen. Bloemen, beesten, mensen… ’t werd allemaal in duizend stukskes dooreen gesmeten.

Het bloed regende naar beneden, en de paar bloemekes die nog recht stonden, werden helemaal rood. En ge weet het wel, bloedvlekken, dat krijgt ge nooit meer weg.

Geschreid dat ik toen heb!

Van schrik…

Dat ik ook zo rood ging worden!

En toen stonden er opeens twee mannen vlak bij mij. De Manfred en den Tom. Ik weet het nog goed. Eigenlijk waren het nog jonge gasten. Nog groen achter hun oren. Zo groen als mijn stengel.

Maar kwaad dat die op mekaar waren, kwaad!! Ik kon er mij geen gedacht van geven wat die twee mekaar misdaan hadden om zo kwaad te zijn op mekaar. ‘k Had nog willen roepen: “allez, jongens, geef mekaar een hand en zand erover”, maar ja… wie luistert er ook naar een simpel bloemeke? Ze zouden mij toch niet gehoord hebben, want ze stonden daar maar te tieren… “Du Schwein! Du dumme Hund!” schreeuwde de Manfred, en den Tom antwoordde: “Go to hell, you bastard!”. Dat had hij beter niet gezegd, want ’t volgende dat ik mij herinner, was dat we met een luide klap de lucht in vlogen.

‘k Realiseerde het mij nog niet direct, want hoe raar dat ’t ook was, ik voelde eigenlijk niks. Maar al mijn blaadjes vlogen elk een andere kant uit, samen met stukskes van den Tom en stukskes van de Manfred. En bloed, bloed… alles werd rood voor mijn ogen!

Daarna zijn we beginnen zweven. Zalig was dat! De wind streelde mijn afgescheurde blaadjes en ik wiegde zachtjes heen en weer. Alsof ik een baby in een wiegje was.

Hoe dat juist zit met die straalstroom en die thermiek en zo, dat weet ik niet, maar ‘k weet wel dat mijn blaadjes stillekes aan van mekaar wegdreven. Degene die ’t hoogst omhoog gevlogen waren, dreven naar ’t oosten, en d’andere naar ’t westen. Een paar blaadjes werden onderweg moe, en bleven liever drijven op’t water. Maar mijn twee schoonste kelkblaadjes, die bleven en bleven maar vliegen. Uiteindelijk is er eentje in Engeland terecht gekomen. Daar heeft een kleine jongen, Ralphke, dat gevonden. En intussen was ’t ander blaadje helemaal tot in Duitsland gevlogen, en dat is bij een klein meiske terecht gekomen. Kerstin, heette ze.

Die kinderen, die moeten alle twee gevoeld hebben dat ik een speciaal bloemeke was, want die hebben mij jarenlang bijgehouden. Kinderen, die voelen zo’n dingen hé. En ze hebben heel de tijd goed voor mij gezorgd. Ik kwam niks te kort.

Maar toch was ik niet helemaal gelukkig. Kent ge dat, dat gevoel dat ge iets mist, dat er u zo precies iets ontbreekt? Dat had ik dus de hele tijd he. Allez, ’t is te zeggen, dat hadden mijn twee blaadjes de hele tijd.

Ja, en toen begon die miserie weer opnieuw hè.

De Ralph, die was intussen groot geworden, en die nam mij mee, terug de zee over. Ik had gewild dat hij mij thuis gelaten had, want van’t moment dat die zijn voeten in ’t zand zette, was ’t precies of ik zag mijn eigen leven in de cinema afspelen. Weer dat gefluit, weer dat gegier, weer dat gebonk… Alleen nog veel erger.

Maar toen gebeurde het hé… Juist zoals ik indertijd in mijn wortels voelde dat er iets mis was, kreeg ik nu in mijn blaadjes een raar gevoel…. Zo een beetje gelijk een kind dat op de sint wacht.

En dan opeens zag ik haar… Achter pinnekesdraad, tussen een ganse massa volk, allemaal grijs en mager, stond dat meiske, Kerstin. Ik wist nog niet dat zij dat was, maar wat er mij direct opviel, was dat klein beetje kleur tussen al dat grijs. Mijn ander blaadje, dat stukske van mezelf dat ik al zo lang miste, dat hing daar aan Kerstin haar nek, achter een stukske glas.

De Ralph, die moet dat ook gezien hebben. Of misschien was’t omdat mijn wederblaadje en ik zo erg naar mekaar aan’t trekken waren, gelijk een magneet, dat hij niet anders kon dan haar zien. ’t Heeft dan nog wel efkes geduurd, maar eindelijk zijn we dan toch weer bijeen geraakt. Twee blaadjes, eindelijk weer samen, na al die jaren!

En Ralph en Kerstin, die hebben daar een grote feest van gemaakt. Speciaal voor ons!

Sedertdien blijven wij voor altijd samen… Ralph en Kerstin, hun kinderen en… hun twee papaverblaadjes.

21-12-12

Vampier: Kindergedicht FlashMob / Toneel (Katrien Dierick - Yannick Van der Speeten)




STEMMEN:
Ischa De Winter & het Gemengd Literair Creatief Vampierenkoor
MONTAGE EN REGIE:
Patrick Bernauw / Karin Straetmans


VAMPIER
(Tekst: Katrien Dierick)

Als ik in de spiegel kijk,
vind ik mezelf een beetje raar
ik zie witter dan een lijk
en heb bloed in mijn haar
Want deze nacht werd ik gebeten
door een of ander dier
Ja, iedereen mag het weten
ik word een vampier

Bevelen verspreiden,
het daglicht vermijden,
zeer snelle reflexen,
en daten met heksen,
heel scherpe tanden,
op daken belanden,
alles gaan tellen,
gedachten voorspellen.
't Is allemaal nieuw voor mij
van bloed drinken word ik blij

Als ik in de spiegel kijk,
vind ik mezelf een beetje raar
ik zie witter dan een lijk
en heb bloed in mijn haar
En deze nacht werd ik gebeten
door een of ander dier
Ja, iedereen mag het weten
ik word een vampier

Heiligen haten,
Vampiers gaan praten,
verstoppen in kasten,
soms lange tijd vasten,
op kerkhoven wonen,
tussen de bomen,
bang zijn voor kruisjes
en van grijze muisjes
't Is allemaal nieuw voor mij
maar de volgende dat word jij!
 
 
 

TONEEL / FLASHMOB:
(Yannick Van der Speeten)


Vampier: ieder kind kan om beurt de vampier spelen. Het gedicht kan herhaald worden tot iedereen aan de beurt geweest is. De vampier is wit/grijs geschminkt. Rode verf (bloed) in het haar. In de nek zijn duidelijk twee rode punten zichtbaar (beten). Bij voorkeur in het zwart of toch heel donker gekleed.
Koor: Bij voorkeur minstens acht kinderen. Zij hebben elk een zin te zeggen. Wanneer er meer kinderen zijn kunnen ze met twee of drie dezelfde zin roepen. Ook zij zijn wit/grijs geschminkt. Rode verf (bloed) in het haar. In de nek zijn duidelijk twee rode punten zichtbaar (beten). Bij voorkeur in het zwart of toch heel donker gekleed.
Opstelling: Het koor staat in een halve cirkel opgesteld. In het midden staat een grote spiegel met de vampier ervoor.

19-12-12

Het Zandmannetje 01 - David Moens (een Literaire Luister Creatie)



 






http://audiotheater.bandcamp.com/track/het-zandmannetje-01

Het Zandmannetje 01
Tekst: David Moens
Stem & Montage: Patrick Bernauw

Een Literaire Luister Creatie geproduceerd in het kader van Het Luisterend Oor, door de afdeling Literaire Creatie van de Academie voor Podiumkunsten, Aalst. Zie ook: www.woordaanslag.blogspot.be

Hallo… Hallo?... Hàà-llòò, hoor je mij?... Knik maar als je me hoort!
Radio is toch een wonderbaarlijk medium, vind je niet? Ik vind van wel. Machtig toch, hoe mijn stem je oren binnendringt en je hersenen beroert! Echt, ik beveel het je zo aan. Maar de reden waarom ik zomaar binnenval is de volgende…
Ik zoek een opvolger. Echt. En ik heb gekozen. Ik kies jou als mijn opvolger. Ja, jij, die zo geboeid naar mijn stem luistert. Jij wordt mijn opvolger.
Laat ik me eerst even voorstellen, want je wil hoogstwaarschijnlijk wel weten wie ik ben. Ik ben het Zandmannetje. Je hebt het goed gehoord. Ik ben hét Zandmannetje!
Je glimlach verraadt al de affectie die je hebt voor mij. Dat vind ik lief. Ik hoop dan ook op je volledige medewerking, om mij op te volgen. Geef toe, een spannend leven is toch wat je wil. En spannend is mijn leven wel, want… tal van mensen kijken steeds weer uit naar mijn komst, en toch kom ik wanneer je dat het minst verwacht. Je slaapt al voor je beseft dat je hebt geslapen. Want ik strooi zowel ’s nachts als overdag. ’ s Nachts mogen velen dan wel in diepe rust verkeren, maar je zou versteld staan hoeveel hazenslapen ik ook tover. Zij komen in korte, krachtige rukjes.
Maar aartsgevaarlijk word ik bij valavond. De wereld der schaduwen is dan ook MIJN wereld…  Waar je door het spel van licht en donker niet vermoedt dat ik kwistig met melk spuit en zo een mistig baken optrek dat je langzaam verdooft. Val nu maar in slaap. Val in slaap…
Maar wacht daar toch nog even mee. Want zie je, ik zoek een opvolger. Dringend. Zodat ik voor eeuwig kan slapen. Definitief. Voortaan zal het jouw edele taak zijn om bij mensen langs te gaan en ze te gunnen wat ze missen… of juist niet. Jij bepaalt!
Beeld je eens in wie je allemaal zand in de ogen kan strooien. Wil strooien. Wie je melk in de ogen zal spuiten om ze te doen slapen. Wie je gewoon eens zachtjes over de nek zal blazen, zodat ze al knikkebollend het laatste restje bewustzijn verliezen.
Je ziet het al helemaal voor je, niet? Ik ben blij met zo’n opvolger als jou. Een betere keus had ik niet kunnen maken.
Er dient echter nog één formaliteit vervuld, waarna jij waarlijk de nieuwe zandman kunt worden. Zou je dus zo vriendelijk willen zijn te struikelen als je uit de zetel komt? En je nek te breken? Kijk niet zo verbaasd! Alleen als je dood bent, kun je me opvolgen!
Wacht, ik blaas eens zachtjes over je nek….

05-12-12

Een lezing van Marita Vermeulen (Els Vermeir)




Zaterdag 17 november 2012, Sint-Niklaas

 


Na een twintigjarige carrière als recensente, begon Marita Vermeulen zeven jaar geleden bij uitgeverij De Eenhoorn. Deze uitgeverij publiceert zowel prentenboeken voor peuters als literaire romans voor volwassenen.

Dat Marita jarenlang had gecommuniceerd over boeken, bleek een belangrijke troef in de uitgeverswereld. De tijd dat de lezer vanzelf een boek ontdekt is immers lang voorbij: communicatie is belangrijker dan ooit, en auteurs en illustratoren moeten hierbij hun steentje bijdragen.

Bij De Eenhoorn maakt Marita deel uit van een klein team van zeven personen, waarbij zijzelf niet enkel uitgever is, maar ook verantwoordelijk is voor illustratoren en buitenlands beleid. In totaal gaat het om zo’n honderd auteurs en illustratoren, wat betekent dat Marita zowat wekelijks een boek moet zien af te werken. Ze staat dan ook voortdurend onder tijdsdruk, maar probeert desondanks elke auteur/illustrator en elk boek de nodige aandacht te geven.

Op jaarbasis krijgt Marita zowat 2000 voorstellen binnen. Soms voelt ze onmiddellijk dat het goed zit, of net dat het niets zal worden. Projecten die daar tussenin liggen, zijn de lastigste, want die vragen veel begeleiding en dus ook veel tijd.

Beslissen om een boek al dan niet uit te geven, is niet makkelijk. Enerzijds moet het klikken tussen uitgever en auteur, anderzijds zijn er de snel wisselende modetrends: wat de ene dag geknuffeld wordt, kan ’s anderendaags vertrapt worden. Sommige “parels” bereiken slechts een beperkt publiek, terwijl heel wat “pulp” uitgroeit tot een mega-succes.

Zodra een tekst binnenkomt, moet gezocht worden naar een illustrator. Goede illustraties zijn net zo belangrijk als goede teksten, maar geen van beiden werkt als er geen bezieling in zit.

Soms begint een boek ook met illustraties, of zijn tekst en beeld al samengebracht.

Dan begint de redactionele begeleiding, wat niet altijd evident is. De auteur moet over zijn werk kunnen nadenken en het ook voor een stuk kunnen loslaten. Vaak kijkt de illustrator op een andere manier naar de tekst als de auteur. Dat de auteur de hele wereld van het boek door en door kent, kan soms zijn/haar beeld erover beperken.

Anderzijds is een illustrator niet zomaar iemand die goed kan tekenen: hij/zij moet ook kunnen inschatten hoe iets werkt naar het publiek toe, hij/zij moet iets in een context kunnen tekenen.

Marita werkt hierbij met vier externe vormgevers, die zelf ook lezers zijn, waardoor ze goed aanvoelen hoe een boek er moet uitzien.

Vooraleer zij met een nieuwe auteur in zee gaat, praat Marita eerst met hem/haar over de toekomstplannen: zij wil immers een engagement voor meerder jaren, niet een eenmalig project. Ze probeert daarbij ook haar auteurs goed genoeg te leren kennen om te kunnen inschatten of ze bij hen terecht kan om hen bepaalde projecten te laten uitvoeren.

Eens een boek klaar is, worden een 100-tal exemplaren verstuurd naar boekpromotie en pers, terwijl de vertegenwoordigster probeert het boek in de boekhandel te krijgen. Bij een druk van 1750 boeken maakt de uitgeverij pas winst vanaf het 1600ste boek. Af en toe een bestseller is noodzakelijk om te kunnen overleven.

Helaas loopt het soms ook fout. Illustraties kunnen te hard overkomen, de titel kan mensen afschrikken, een foute associatie opwekken, of net geen enkele associatie… Dat is dan jammer, want het boek krijgt geen tweede kans.

Voor beginnende auteurs heeft Marita een aantal tips en adviezen. Haar belangrijkste boodschap is: wees authentiek! Alles is al geschreven, enkel authenticiteit onderscheidt de “echte” schrijver. Schrijver kan je immers niet worden, dat ben je: een schrijver schrijft vanuit een inwendige drang, hij/zij schrijft wat MOET geschreven worden, ook zonder uitgegeven te worden. De lezer moet de “ziel” van de auteur voelen. Wie enkel schrijft om bevestiging te krijgen, kan er beter mee stoppen.

Auteurs die hun werk willen publiceren, moeten eerst research doen om een uitgever te vinden die bij hen past. Wanneer ze een werk doorsturen, is het best een volledig werk in te dienen, zodat de uitgever het geheel kan beoordelen. Het begeleidend schrijven daarbij moet beknopt en to the point zijn, geen roman op zichzelf: laat het project voor zichzelf spreken, een goed manuscript zegt wie je bent.

En tenslotte moet je als auteur de communicatie gaande houden: in de massa voorstellen die een uitgever binnenkrijgt, dreig je anders verloren te gaan. Die communicatie is trouwens ook belangrijk eens een boek is uitgegeven: de auteur moet reclame maken, zonder evenwel opdringerig te zijn. Een goede relatie met de lokale boekhandel en de bibliotheek zijn hierbij zeer belangrijk.

En tot slot…
Marita Vermeulen toonde zich een gedreven en gepassioneerde dame, uiterst bezorgd om de mensen voor en met wie ze werkt: in een dagelijkse, niet-aflatende gedrevenheid probeert ze enerzijds de auteur met zorg te omringen en hem/haar het nodige respect te betuigen voor zijn/haar werk. Anderzijds wil ze de lezer een kwaliteitsproduct bezorgen dat tot in de puntjes is afgewerkt en zijn/haar diepste zinnelijke honger stilt. Een opdracht die ze duidelijk met verve vervult.

Schrijven Online Nieuws

Schrijven Online blogs

Schrijven Online wedstrijden

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...