28-10-11

Het koekje bij de koffie: Rum voor de voorzitter / Bananen, een revolutie

Nieuw! 40 jaar Oxfam - Wereldwinkels

 

Het koekje bij de koffie · 40 jaar Oxfam-Wereldwinkels

van Ben Schokkaert


In 1971 opent in Antwerpen de eerste Belgische wereldwinkel. Veertig jaar later is dat winkeltje een netwerk van meer dan tweehonderd speciaalzaken.
+ Hét indrukwekkende overzicht van 40 jaar Oxfam-Wereldwinkels.
+ Over de eerste Belgische wereldwinkel die veertig jaar later is uitgegroeid tot een netwerk van meer dan tweehonderd speciaalzaken en de hoofdaandeelhouder is van de middelgrote onderneming Oxfam Fairtrade.
+ Tegelijk geeft het boek een levendige kijk op de recente sociale geschiedenis van België.  
Het koekje bij de koffie
bestellen
 


Uit Het koekje bij de koffie:
 


Rum voor de voorzitter

Nicaragua beroert de hele jaren 1980 de wereldwinkelharten. Een verhaal van David tegen Goliath, van het kleine Nicaraua dat de baarlijke duivel in het noorden danig op de zenuwen werkt: daarvoor supporteren de wereldwinkeliers in die jaren van Koude Oorlog en Amerikaanse raketten op Belgische bodem graag. De Amerikaanse president Ronald Reagan en zijn administratie bekijken al dat links-revolutionaire gedoe in hun achtertuin immers met argusogen. Ze beschouwen het sandinisme als een opstapje naar het communisme en zijn op hun hoede voor een domino-effect in de regio. De dreiging met een interventie is nooit ver weg. De Amerikanen verbreken alle handelsrelaties met het land en steunen de contra’s, die op hun beurt vanuit Honduras en Costa Rica de sandinisten van de macht proberen te verdrijven.
Er is trouwens niet alleen Nicaragua. Ook in de buurlanden Guatemala en El Salvador wekt de ‘volksstrijd’ tegen dictaturen hoopvolle verwachtingen. Rond al die landen zijn in Vlaanderen landencomités actief, waarmee Oxfam-Wereldwinkels samenwerkt. Geen wonder dus dat de keuze op Centraal-Amerika valt, als Oxfam-Wereldwinkels beslist om in het werkjaar 1981-1982 voor het eerst met een jaarthema te werken. Er is onder andere een actieweek in april 1982 en er worden schrijfblocs verkocht ten gunste van een alfabetiseringsproject in Nicaragua. Tijdens een nieuwe actieweek (1-7 april 1984) worden 7500 koffieplantjes voor Nicaragua verkocht, ‘verbonden met het land, hoopvol groeiend naar de vrijheid, de prijs die men hiervoor moet betalen: een bloedrode bes’. Aan de voorzitters van de Vlaamse partijen wordt na de verkiezingen in Nicaragua in 1985 koffie en rum aangeboden. Wereldwinkeliers gaan als brigadistas in Nicaragua werken, zoals ze dat ook in dat andere gidsland Algerije doen. Tal van informatieactiviteiten en solidariteitsavonden worden georganiseerd.

Op dat moment (medio jaren 1980) liggen er naast de koffie nog verschillende andere Nicaraguaanse producten in de rekken van de wereldwinkels, zoals suiker (‘symbolisch door het suikerembargo vanuit de VS’) en rum (‘een van de duidelijkste voorbeelden van de gemengde economie in Nicaragua’). Een belangrijke schakel in de handelsketen tussen de wereldwinkels en de sandinisten is Stefaan Declercq. Hij behoort in 1972 bij de jonge veulens die in Brugge het wereldwinkelvuur aanwakkeren en werkt van 1978 tot 1980 in het provinciaal secretariaat van de Brabantse wereldwinkels. Tussen 1980 en 1995 werkt Stefaan in Nicaragua en El Salvador als regionale coördinator van de projecten en acties van Oxfam-België in Centraal-Amerika en de Caraïben en als verbindingsman voor de wereldwinkelproducten die uit die regio komen.
Vlekkeloos verloopt de verkoop van die Nicaraguaanse producten niet. De koffie is van wisselende kwaliteit, ‘de smaak schommelde meer dan de prijs’. De verkoop begint vanaf 1984 spectaculair in mekaar te zakken. Daar komen na verloop van tijd importproblemen bovenop. Sommige problemen zijn te wijten aan het feit dat er maar één leverancier is. Dat is op te vangen door vrij grote voorraden aan te kopen, maar daarvoor ontbeert Oxfam-Wereldwinkels dan weer het geld. De actie ‘Ja aan de 100.000’ wordt gelanceerd. Als elke wereldwinkel 100.000 Belgische frank aan renteloze leningen binnenhaalt, moet Oxfam-Wereldwinkels minder geld lenen bij de banken, ‘dus minder geld verkwisten aan hoge intresten, dus meer steun geven aan bevrijdende projecten in de derde wereld’.

Bananen, een revolutie

Een scharniermoment is mei 1985: Oxfam-Wereldwinkels verkoopt voor het eerst bananen, en die komen uit Nicaragua. De verkoop van ‘Nica-bananen’ is in de eerste plaats een politiek statement tegen de Amerikaanse boycot van het land. De wereldwinkels bedenken er de term actualiteitsproduct voor: de verkoop pikt in op de actualiteit, hij is symbolisch en tijdelijk.

‘De bananen uit Nicaragua hebben alles wat een ideaal wereldwinkelproduct moet hebben. Ze zijn een voorbeeld van onrechtvaardige handel, het prototype van een derdewereldproduct: wankele prijzen, monocultuur, slechte arbeidsomstandigheden, bloeiende tussenhandel, monopolisering door enkele multinationale ondernemingen. Ze komen uit een modelland en hebben een hoge symbolische waarde.’

De ‘tijdelijke’ verkoop overtreft alle verwachtingen. In het eerste (half)jaar 1985 worden 46,5 ton bananen verkocht. De algemene vergadering gaat ermee akkoord de bananen definitief in het gamma op te nemen. Al is dat niet evident: de verkoop van vers fruit is een nieuwe branche en plaatst Oxfam-Wereldwinkels voor uitdagingen op het vlak van distributie en houdbaarheid.
Tot dan werden de plaatselijke wereldwinkels vanuit het nationale magazijn in Gent bevoorraad door twee commerciële transportfirma’s. Er zijn al een tijdje plannen voor een eigen camion, het bananensucces stuwt die ambitie in een stroomversnelling. ‘Op 25 maart 1987 wuifden we voor het eerst Luc uit – op weg door Vlaanderen, de vlam in de pijp en achterop paletten vol heerlijke producten uit de Wereldwinkels’. Na enkele maanden rijden met gehuurde vrachtwagens wordt een eigen camion aangekocht, ‘een DAF, 7 ton’. (Luc Goeman zal tot 1 januari 2011 met ‘de camion van den Oxfam’ rondtoeren.)
Om de kwaliteit te garanderen, worden in de magazijnen drie rijpingskamers gebouwd. ‘De bananen stonden niet alleen symbool voor de revolutie in Nicaragua’, zegt Fernand Daenekynt, magazijnier en specialist in bananenrijpen. ‘Het was ook een beetje onze revolutie. Op een gegeven moment verkochten we elf pallets met tachtig kartons per week. Op het einde van het bananentijdperk in 2008 verkochten we nog maar drie pallets.’

Volgens Marc Bontemps, directeur van Oxfam-Wereldwinkels tussen 1990 en 2004, is er nog wel meer revolutionairs aan de Nica-bananen. ‘Het was not done om niet-gelabelde, zeg maar witte bananen, in te voeren. De Nicaraguaanse overheid nam toch het risico, en wij hebben de bananen gepromoot.’
Bontemps erkent dat de bananen van Nicaragua de wereldwinkels financieel gered hebben, want de zaken liepen in die periode allesbehalve rooskleurig. ‘Bananen, en niet alleen die van de sandinisten, zijn in nog een ander opzicht altijd een belangrijke money maker voor de wereldwinkels geweest. Klanten namen een abonnement. Zo dwong je hen als het ware om wekelijks of tweewekelijks naar de wereldwinkel te komen. Het is een truc die ook met drank in retourverpakkingen werkt.’

23-10-11

Het koekje bij de koffie - door Ben Schokkaert


Zoals Ben Schokkaert het zelf zegt in zijn nieuwsbrief (want wie zou dit beter kunnen zeggen dan Ben zelf?):
 
Sinds de laatste week van vorig schooljaar ben ik ook een gediplomeerde schrijver. Er zijn weinig Echte Schrijvers die dat kunnen zeggen, maar de Gouden Medaille van de Stad Aalst, de Standaard Boekenbon, mij overhandigd door de Schepen van Jeugd, Vrije Tijd, Integraal Drugsbeleid en Internationale Samenwerking Iwein De Koninck (ermee gekocht: de requiemroman Tonio van Adrianus Franciscus Theodorus van der Heijden) en de Bijzondere Prijs van de Schepen van Financiën, Regies, Onderwijs en Juridische Zaken Serge Grysolle, voorstellende een FNAC-bon (van plan ermee te kopen: Chanson. Een gezongen geschiedenis van Frankrijk van Bart Van Loo) zijn er de onweerlegbare bewijzen van. 

En wat meer is, deze Gediplomeerde Schrijver, ex-cursist Literaire Creatie aan de Academie voor Podiumkunsten heeft net ook een heus boek op de markt. Het koekje bij de koffie, met een op het eerste gehoor wat saai klinkend thema als '40 jaar Oxfam wereldwinkels', wordt op Schokkaertiaense wijze literair behandeld, wat een prettig leesbaar boek oplevert. Op 24 november wordt Het koekje bij de koffie voorgesteld in het 'vrolijke provinciestadje dat een bescheiden decor in het boek vormt' (= Schokkaerts voor 'Ninove') en als je deze blog volgt, verneem je hier alle bijzonderheden in dat verband. Ondertussen kun je alvast de sfeer opsnuiven in een aantal voorpublicaties.

Nieuw! 40 jaar Oxfam - Wereldwinkels

 

Het koekje bij de koffie · 40 jaar Oxfam-Wereldwinkels

van Ben Schokkaert


In 1971 opent in Antwerpen de eerste Belgische wereldwinkel. Veertig jaar later is dat winkeltje een netwerk van meer dan tweehonderd speciaalzaken.
+ Hét indrukwekkende overzicht van 40 jaar Oxfam-Wereldwinkels.
+ Over de eerste Belgische wereldwinkel die veertig jaar later is uitgegroeid tot een netwerk van meer dan tweehonderd speciaalzaken en de hoofdaandeelhouder is van de middelgrote onderneming Oxfam Fairtrade.
+ Tegelijk geeft het boek een levendige kijk op de recente sociale geschiedenis van België.  
Het koekje bij de koffie
bestellen
 

Inhoud

In 1971 opent in Antwerpen de eerste Belgische wereldwinkel. Veertig jaar later is dat winkeltje een netwerk van meer dan tweehonderd speciaalzaken. De piepkleine vzw Oxfam-Wereldwinkels van toen is nu de hoofdaandeelhouder van de middelgrote onderneming Oxfam Fairtrade. Het 'socialistische' pakje koffie werd een sterk merk en een glossy assortiment waarop gestudeerd wordt.
Een boek over de ontroerende solidariteit met de broedervolkeren in Algerije en Nicaragua. Over roze stoelen en rood fruitsap. Over veel werk en altijd te weinig werkvolk. En over een nicheproduct dat mainstream probeert te worden en de conventionele handel op weg naar meer duurzaamheid dwingt. Tegelijkertijd geeft het boek een levendige kijk op de recente politieke geschiedenis van België en zijn sociale bewegingen.
Meer info online: www.epo.be
Ben Schokkaert is freelanceredacteur. Hij werkte van 1997 tot 2010 als redacteur voor Oxfam-Wereldwinkels. Hij is beschikbaar voor lezingen, contacteer hem rechstreeks via ben.schokkaert@skynet.be of telefonisch via 054/31.32.91

isbn: 9789491297038prijs: € 25.00

 

Fragment uit Het koekje bij de koffie
 
Een boontje voor de strijd: motor van de vredesbeweging

‘Oxfam-Wereldwinkels gaf de actie een megafoon’, schrijft Walter Pauli in De Morgen van 13 februari 2010. De wereld herdenkt dat twintig jaar eerder Nelson Mandela uit zijn gevangenis op Robbeneiland is vrijgelaten. De actie waarover de journalist het heeft, is Boycot Outspan. Die riep in de jaren 1980 consumenten op om geen fruit uit de apartheidsstaat Zuid-Afrika te kopen.
Een paar dagen na Pauli’s artikel doet een aantal internationale politieke coryfeeën een oproep voor een kernwapenvrij Europa. Voor Bart Brinckman in De Standaard (20 februari 2010) is de oproep een aanleiding om terug te blikken op de jaren ‘toen België nog in de ban van de bom was’. Bij het artikel hoort een foto van betogende jongelui. De haantjes-de-voorste van het gezelschap torsen op hun schouders een zelf in elkaar geknutselde raket, papier maché over kippengaas. ‘Weg de bom’, staat op de raket. Maar mijn aandacht wordt gevangen door het dichtwaaiende spandoek erachter. Ik herken de meeste letters van het woord ‘wereldwinkel’ en erboven de W met de rode bol, het logo van Oxfam-Wereldwinkels...

Hoe twee krantenartikels over twee uiteenlopende onderwerpen in één week tijd zoveel maatschappelijke impact van Oxfam-Wereldwinkels kunnen illustreren! De betrokkenheid van de wereldwinkeliers, zowel in de strijd tegen de apartheid in Zuid-Afirka als bij acties tegen de plaatsing van raketten in België, kan moeilijk overschat worden. Dat zegt ook politicoloog en socioloog Stefaan Walgrave. Hij heeft de sociale bewegingen van de jaren 1970 en 1980 van nabij bestudeerd in Nieuwe sociale bewegingen in Vlaanderen (1994).

‘De liefdesbrief’

De strijd tegen de raketten zet Oxfam-Wereldwinkels in de eerste helft van de jaren 1980 op de maatschappelijke kaart van Vlaanderen. Maar het vredesthema is vanaf de start in 1971 prominent aanwezig in de wereldwinkels.
Op 8 mei 1971 is de nog maar pas opgerichte wereldwinkel van Antwerpen medeorganisator van Vrede voor Vietnam. Naast een mars van 20 kilometer is er een infomarkt en een avondprogramma in de Handelsbeurs. Een jaar later volgt een nieuwe Vrede voor Vietnam en zijn in verschillende steden en gemeenten ‘Vietnam’-kernen actief.
Marsen zijn populair op dat moment. ‘Met een paar duizend jonge mensen marcheren om geld te verzamelen en uiting te geven aan onze solidariteit met de derde wereld’: zo wordt het doel van een vredesmars op 8 maart 1972 in Gent omschreven. Opvallend is het schijnbare gemak waarmee in geen tijd een paar duizend mensen worden bijeengetrommeld.

In de prille herfst van 1971 is België in de ban van ‘De liefdesbrief’. Dat schilderij van Jan Vermeer is op 24 september geroofd uit het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel. De dief, blijkt later, is Mario Roymans, een jongeman uit de buurt van Tongeren. Als ‘Tijl van Limburg’ eist hij de diefstal op en zegt hij het schilderij te zullen teruggeven als 200 miljoen frank wordt gestort op de rekening van Caritas Catholica voor de vluchtelingen in Oost-Pakistan. Daar heerst een bevrijdingsoorlog die enkele weken later zal eindigen met de installatie van een onafhankelijk Bangladesh. ‘Tijl’ wordt op 6 oktober gearresteerd, maar blijft nog wekenlang het onderwerp van gesprek. Er volgen petities en acties. De wereldwinkels verkopen onder andere het plaatje ‘Tijl blijft leven’; de opbrengst is bestemd voor vluchtelingenkampen in India. Bij Caritas Catholica stroomt het geld voor Oost-Pakistan binnen.
‘De liefdesbrief’ is slechts een anekdote, maar wel één die de werking van de eerste wereldwinkels typeert. Er is geen groot plan of uitgekiende strategie. Maar als er moet geprotesteerd worden tegen onrecht, of als solidariteit met verdrukten gewenst is, klopt men niet tevergeefs bij de wereldwinkels aan.  

Niet alleen Azië geniet in die eerste jaren de aandacht. De wereldwinkels houden ook bevrijdingsacties voor de Portugese kolonies in Afrika, zoals ‘Een rode anjer voor Angola’ in oktober 1975. Angola is een typevoorbeeld om te illustreren hoe het imperialisme alles doet om een grondstoffenrijk land in zijn invloedssfeer te behouden. Voor de multinationals is de Angolese bevrijdingsbeweging MPLA vijand nummer één, voor de wereldwinkels is ze een bondgenoot. In Antwerpen worden 7000 anjers verkocht, de opbrengst is bestemd voor de aankoop van melkpoeder en olie.
De gebeurtenis die de wereldwinkels evenwel het meest beroert, is de militaire staatsgreep van Augusto Pinochet in Chili op 11 september 1973. De militairen maken een einde aan het linkse bewind van Salvador Allende. Tijdens hun repressieve regime, dat tot 1989 duurt, zijn duizenden Chilenen omgekomen of gevlucht. België vangt zowat 1100 Chileense vluchtelingen op. De wereldwinkels organiseren solidariteitsavonden en acties voor de opvang van de Chilenen. In het najaar van 1974 is er een nationale Chiliweek.
Jarenlang blijft Chili een symbool voor de derdewereldbeweging. Het land verdwijnt nooit helemaal van de agenda van Oxfam-Wereldwinkels. In 2011 is Chili zelfs het voornaamste partnerland van de wereldwinkels.

Er is niet alleen de solidariteit met landen en volkeren ver weg. In het najaar van 1974 uit minister van Landsverdediging Paul Van Den Boeynants zijn voornemen om nieuwe gevechtsvliegtuigen aan te kopen. Het protest tegen het plan is fel. Ook de wereldwinkels mobiliseren volop voor de betoging van 12 januari 1975 onder het motto ‘Neen aan de 30 miljard’. (‘Met 30 miljard zou men 26.000 sociale woningen of 500 waterzuiveringstations kunnen bouwen.’) Voor het eerst wordt de structuur van de wereldwinkels, hoe rudimentair ook, gebruikt om met pamfletten volk te ronselen.

Hoezo, ‘derde wereld’?

Dat Oxfam-Wereldwinkels zowel tegen de oorlog in Vietnam als tegen de oorlogsindustrie in eigen land protesteert, illustreert hoe sterk de derdewereld- en de vredesproblematiek begin jaren 1970 verknoopt zijn en door grotendeels dezelfde organisaties gethematiseerd worden. ‘Ontwapenen om te ontwikkelen’ is in die periode niet voor niets de baseline van Oxfam-België. ‘Oxfam-Wereldwinkels lijkt veel meer op een vredes- dan op een derdewereldorganisatie’, poneert politicoloog en socioloog Stefaan Walgrave. ‘Dat is volkomen in overeenstemming met haar statuten. Daarin is geen sprake van een specifieke gerichtheid op de derde wereld.’
Walgrave heeft er een verklaring voor: ‘Oxfam-Wereldwinkels maakte volop deel uit van de anti-imperialistische stroming in de derdewereldbeweging.’ Die stroming heeft haar wortels in de studentencontestatie van de jaren 1960 en 1970. Meer dan andere nieuwe sociale bewegingen zoals de milieu- en de vredesbeweging komt de derdewereldbeweging in Vlaanderen rechtstreeks uit deze contestatiegolf voort. Tot en met haar naam, die ze dankt aan de Derde Wereld Beweging die radicaal-linkse studenten in 1968 in Leuven oprichtten.
Vóór 1968 is de aandacht voor de derde wereld het voorrecht van de katholieke kerk en organisaties als het Rode Kruis. Toch zijn er ook al typische ontwikkelingsorganisaties actief, zoals Broederlijk Delen (ontstaan in 1961), Oxfam-België (1964) en SOS-Honger (1964, de voorloper van het Nationaal Centrum voor Ontwikkelingssamenwerking dat in 1966 tot stand kwam en sinds 2000 11.11.11 heet).
Het is allemaal nogal katholiek en/of te caritatief, oordelen de studenten tegen het einde van de jaren 1960. Een hele reeks kleinere, radicale groeperingen begint te wijzen op het verband tussen de onderontwikkeling in de derde wereld en het kapitalisme van het rijke Westen. Ze richten eigen organisaties op, zoals de Derde Wereld Beweging in Leuven. Of ze slagen erin bestaande organisaties zoals Broederlijk Delen en NCOS te radicaliseren. Ook Oxfam-België krijgt in de jaren 1970 een radicaler, politiek karakter onder impuls van Antoine Allard, Pierre Galand en de eerste wereldwinkeliers. Die anti-imperialistische derdewereldbeweging kent een eerste piekmoment met de acties tegen de Amerikaanse interventie in Vietnam.

Met het vorderen van de jaren 1970 krijgt de vredesthematiek een ander gezicht: protest tegen kernraketten. Stilaan loopt Oxfam-Wereldwinkels warm voor de glorieperiode die ze in de eerste helft van de jaren 1980 beleeft… als vredesorganisatie.

 


 

22-10-11

Drie gedichten - door Yannick Van der Speeten



Stof

Lap! Een doek.

Gebod. Verbod?
Gedrukt. Bedrukt. Onder
-drukt. Laatste woord?

Niet uitgesproken.




Vorst

Volkswagen.

Auto voor het volk?
Auto van het volk?
Auto gemaakt door
volk. Arm volk.
Gemaakt voor
volk. Rijk volk.


Heil!




Heerlijk


Teder

rijt ik de zachte helften
van elkaar.

Een gekartelde bruine rand
nestelt zich
tegen het wit.
Vanbinnen bruinroze
tot diep rood, als
een gapende
mond.
Een klodder smeuïge saus
zoekt zijn weg over
weke vlees en
kleurt roze wat
diep rood was.

De mond gaat langzaam
dicht.

Heerlijk broodje rosbief.





21-10-11

Creatief Schrijven: Bekende schrijvers geven tips



Heb je last van een writer’s block of ben je op zoek naar goede schrijftips? Els Beerten, Annelies Verbeke, Erik Vlaminck, Maartje Luif, Bart Plouvier, Elle Eggels en vele anderen geven hun beste schrijftips prijs in een filmpje.  
Creatief Schrijven op de Boekenbeurs
Van 31 oktober tot en met 11 november vindt de Boekenbeurs opnieuw plaats in Antwerp Expo. Daar dagen we je uit voor een spelletje Scrabble in 3D. Een computer berekent je punten, een camera registreert je spel. Je maakt kans op een spelletje met en tegen een bekende schrijver en nog vele andere prijzen. Bezoek ons in zaal 2 op stand 216.
Je schrijftalent schaaf je bij in één van onze 7 workshops.
Schrijf je alvast in via info@creatiefschrijven.be
Welkom bij het huis voor schrijvers - Creatief Schrijven

08-10-11

Ten Onder: Maya's Lament (door Trees Van Aerdebrugghe)





Ik ging over de schreef.
'Maya,' dacht ik nog, 'niet doen, niet gaan spelen met die verhalen over de schepping van hemel en aarde en alles wat er op loopt.'
Al eeuwen moet ik die stripverhalen van de Popol Vuh gadeslaan. Altijd maar mijn toer doen langs stokoude tempels, stenen tabletten, vazen. Je zou er betoeterd van worden.
Ik las die strips allemaal al tien keer uit. Ik weet onderhand alles over het geruzie tussen jongere en oudere broers. De jongste werden zon en maan, de andere boszwijnen of zoiets.
De verveling van het cipier spelen terwijl een paar hoofdpersonages zich lieten inhuren om in boeken en films van blanke bezetters heel anders voor de dag te komen... het werd me te machtig.
In een hoekje van het heelal vond ik een afgedankte komeet die de vorm had van een bal.
Heb toen een paar vazen met hiërogliefen op een rijtje gezet voor een rondje bowlen.
En wil het nu juist lukken dat die vaas waarop de strip met het scheiden van hemel en aardse wateren tegen de grond ging.
Nee, ze is niet kapot, er zit alleen maar een barst in.
Uit de vaas kwam een gedruis.
'Verdomme Maya!' klonk het. 'Als je niet maakt dat die barst gelijmd wordt, komt het gewelf dat hemel en aarde scheidt naar beneden! Zoek  maar een collega uit een ander verhaal die de barst kan lijmen.'

Ik neus dus wat rond op de aarde waar die jaloerse oudere broers er ondertussen miljoenen soortgenoten bijkregen. Bosapen met of zonder kostuum, jaguars met of zonder motor, bloedhonden al of niet in maatpak, afijn, vindt daar maar eens iets deftig tussen.
't Zal toch die gekke vrouwspersoon in 't zwart niet zijn zeker? Ze weet alvast van de zaak af.
In plaats van te krijsen en met haar schele ogen proberen de datum van de ramp te ontcijferen, zou ze beter beginnen met een middel te maken om die barst te lijmen.
Ik zie het al, dit wordt moeilijk.


(Eén van de "outtakes" van het totaalspektakel-in-wording.)
 

Schrijven Online Nieuws

Schrijven Online blogs

Schrijven Online wedstrijden

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...